home > blog > leugendetectie en micro-expressies. heeft training wel zin?

Leugendetectie en micro-expressies. Heeft training wel zin?


        

NISA 25th anniversary conference 

1991 - 2016  "Witness to Change"

Tijdens een sessie over dreiging detectie op het NISA congres werden presentaties gegeven vanuit twee verschillende perspectieven. Een van de invalshoeken, de zogenaamde ‘micro-expressies’ methode voor het identificeren van leugens door het herkennen van minuscule gedragsindicatoren werd behandeld door Cliff Lansley (Emotional Intelligence Associates). 

The andere invalshoek, de Controlle Cognitive Engagement (CCE) interviewtechniek voor dreigingsdetectie werd uitgelegd in een presentatie van Professoren Thomas Ormerod en Coral Dando (CCE Secure). 


            Het verschil tussen deze twee invalshoeken is opmerkelijk; de micro-expressies methode ondersteunt een passieve observatie van passagiers om signalen van kwade intenties te detecteren, en presenteert een trainingsaanpak waarin cliënten bijgeleerd worden hoe men kleine verschillen in het uiterlijke gedrag van het reizende publiek herkent. 

Controlled Cognitive Engagement (CCE), daarentegen, is een techniek gebaseerd op het interview, waarin screening agents getraind worden in effectieve ondervragingsmethodieken om informatie te ontsluiten uit passagiers en deze te testen op waarheidsgetrouwheid. Het doel van Controlled Cognitive Engagement (CCE) is om de verschillen tussen waarheidsgetrouwe en leugenachtige passagiers uit te vergroten. Hierbij ervaart de waarheidsgetrouwe passagier een comfortabel, zelfs aangenaam gesprek, waar een leugenachtige passagier onder druk wordt gezet met toetsen van ‘verwachtte kennis’.

            Een mogelijkheid is dat de twee methoden in combinatie ingezet worden: micro expressies om gedragsmatige indicatoren van een leugen te detecteren, en Controlled Cognitive Engagement (CCE) om dit ‘signaal’ te versterken door leugenachtige passagiers onder druk te zetten. Er zijn echter wel redenen om voorzichtig om te gaan met een dergelijke aanpak.

Ten eerste gaf Professor Ormerod in zijn presentatie aan dat het peer-reviewed onderzoek uit de forensische psychologie heeft aangetoond dat deceptie detectie op basis van uiterlijk gedrag consistent faalt in het leveren van betrouwbare gedragsindicatie van detectie deceptie. Micro-expressies zijn afhankelijk van de signalering van dergelijke signalen.

Contrasterend hiermee is CCE niet afhankelijk van specifieke gedragssignalen, het uitdagen van een leugenachtig persoon veroorzaakt namelijk veranderingen in gedrag. De gedragingen zelf zijn dus geen betrouwbare indicatoren van de leugen, maar veranderingen in gedrag zijn dat wel.


Ten tweede hebben de voorstanders van de micro-expressie methode gesuggereerd dat de methode niet geëvalueerd kan worden in het veld, omdat het onmogelijk is om de hoge druk te simuleren die een ‘echte’ leugenaar voelt, en die nodig is om de voorspelde micro-expressies te doen voorkomen. Hier staat tegenover dat CCE uitvoerig is geëvalueerd in een groot veldonderzoek op een aantal internationale ‘hub’-luchthavens. In dit onderzoek bleek het meer dan 20 keer zo effectief als de huidige screening methodes in het detecteren van ‘test’ passagiers die zich met valse cover stories door de security trachten te bewegen.

Ten derde, en mogelijk is dit het meest problematisch voor de voorstanders van methodes gebaseerd op het detecteren van specifieke gedragingen om leugens te herkennen, beschreven professoren Ormerod en Dando in een onderzoek waarin het effect werd gemeten van het trainen van screening agents om te zoeken naar specifieke gedragsindicatoren leidde tot slechtere prestaties in het herkennen van leugenachtige passagiers. Dit fenomeen staat bekend als ‘overshadowing’, en het vindt plaats omdat de training leidt tot het overheersen van inherente vaardigheden die zijn opgebouwd uit jarenlange ervaring met ‘under-rehearsed conscious messaging’

Met andere woorden; als het aankomt op het lezen van gezichtsuitdrukkingen is dit iets waar volwassenen al een leven lang ervaring mee hebben. Zodoende is het effect van een paar dagen training ondermijnend aan deze inherente fijnmazige behendigheid omdat men gaat focussen op een beperkt aantal aangegeven gedragssignalen. Vergeet daarbij niet dat deze beperkte hoeveelheid signalen ook al geen empirische onderbouwing genieten. Nuancering gebied ons te melden dat het onderzoek van Ormerod en Dando niet specifiek micro-expressies onderzocht, dus wellicht zijn deze anders. 

Echter, als de professoren gelijk hebben in hun suggestie dat iedereen een leven  lang ervaring in het lezen van gesprekspartners, wat is dan de meerwaarde van een paar dagen training die mogelijk averechts werkt?

Foto: Professor T. C. (Thomas) Ormerod directeur CCE Secure & dhr. L. (Leen) van der Plas

directeur SoSecure en CCE Secure tijdens het diner van het NISA Congres.


English Version




At the NISA meeting this year, a session on threat detection contained talks from two different perspectives. One approach, the ‘micro-expressions’ method for identifying deception by looking for behavioural indicators was described in a talk by Cliff Lansley (Emotional Intelligence Associates). The other approach, the Controlled Cognitive Engagement (CCE) for interviewing clients to detect threat, was outlined in a talk by Professors Thomas Ormerod and Coral Dando (CCE Secure). 

The difference between these approaches is stark: micro-expressions emphasises the passive observation of passengers to detect signs that might reveal malintent, and presents a training approach in which clients are trained to look for small differences in disposition and behaviour in the traveling public.  CCE, in contrast, is an interview-based method, in which screening agents are training in effective questioning methods for eliciting information from passengers and testing its veracity.  The aim of CCE is to amplify the differences between genuine and deceptive passengers, providing the former with a comfortable, even enjoyable, experience, while putting deceptive passengers under pressure with tests of expected knowledge. 

One possibility is that the two methods might be used in tandem: micro-expressions to look for behavioural indicators of deception, and CCE to amplify the ‘signal’ by increasing the presence of such indicators by putting deceivers under pressure.  However, there are reasons to be cautious about such an approach.  First, in the presentation, Prof. Ormerod pointed out that the peer-reviewed research from forensic psychological studies of deception detection has consistently failed to find any behavioural or dispositional sign that can reliably detect deception.  Micro-expressions relies on the identification of such signals. CCE, in contrast, does not propose specific behaviours as signals; instead, the act of challenging a deceptive person induces behaviour change. Whereas behaviours themselves are not reliable indicators of deception, change in behaviour is a reliable indicator.  

Second, proponents of micro-expressions have suggested that the method cannot be evaluated in the field, because it is impossible to create a high-stakes simulation in which the changes in micro-expression predicted by the method would arise.  In contrast, CCE has been evaluated in a multi-agency trial in a number of international hub airports, and has been found to be more than 20 times as effective than current methods at detecting ‘test’ passengers  passing through security with false cover stories.

Third, and perhaps most problematic for proponents of methods based on spotting specific behaviours as indicators of deception, Profs Ormerod and Dando reported a study in which the effect of training agents to look for specific behavioural signs actually made them worse at identifying deceptive passengers. This phenomenon is known as overshadowing, and it arises because training acts to override automatic skills built up over years of experience with under-rehearsed conscious messaging. When it comes to reading expressions, its something that adults have had a lifetime’s experience in doing, so the effects of a few days training seems to be to undermine these highly tuned skills in favour of focussing on a few behavioural signals, which, as the professors pointed out, don’t have empirical backing anyway. To be fair, their research did not assess micro-expressions specifically, so they may be different.  However, if as the professors suggest people have a lifetime of experience in reading other people’s, what is the benefit of training them to do it over a few days? 



Reacties


Reageer

Uw naam
Uw emailadres
Nieuwsbrief?
Bericht